Column
Crisis
28-10-2008 - Wim Westera
Kunnen universiteiten omvallen? Of hogescholen? Lopen wij hetzelfde risico als de financiële sector, waar momenteel de ene na de andere gevestigde institutie het loodje legt? Merrill Lynch, Lehman Brothers, Freddy Mac, Fanny Mae, Northern Rock, Fortis, Icesave, … Dat kon allemaal nóóit gebeuren. Maar het gebeurde toch. Kan een respectabel instituut als pakweg de Universiteit Leiden zo maar haar krediet verspelen en ten onder gaan?
Wij onderwijsinstellingen handelen natuurlijk niet in zoiets ordinairs als geld. Wij hebben een verhevener opdracht: wij leveren kennis, geestelijke verrijking zo u wilt. Daarvoor gelden weliswaar geheel andere economische principes, maar sinds het verdrag van Lissabon worden kennis en economie toch maar al te vaak in één adem genoemd. Geld en kennis behoren geen van beide tot de reële economie, dat wil zeggen: ze horen niet tot de economie van producten die je beet kunt pakken of in de winkel kunt kopen. Geld en kennis gaan over ideeën, over dingen die zich in ons hoofd afspelen, het gaat om abstracties over het toekennen van waarde of betekenis. Eigenlijk een soort fantasie dus. Daarmee is windhandel in de kiem aanwezig.
Banken werden tot voor kort gezien als de onkreukbare instituties waar je met een gerust hart en zonder risico je geld kon stallen: kreeg je nog een leuke rente ook. Inmiddels weten we wel beter. De bancaire zeepbel is geklapt. We hadden het kunnen weten. De kolossale kantoorreuzen en de Daimlers en Porsches van hun bewoners stralen allang geen succes en zekerheid meer uit, maar zijn inmiddels het symbool van onbetrouwbare, boven hun stand levende graaiers, die hun windhandel bedreven over de ruggen van nietsvermoedende spaarders.
Maar ook het hoger onderwijs kent zijn graaiers. De Algemene Onderwijsbond meldde in september dat er in het hoger onderwijs sprake is van een wildgroei van beloningen voor bestuurders. De Balkenende-norm? Daar hebben wij maling aan. Maar liefst 40 bestuurders stijgen er bovenuit. Marktconform heet dat. In werkelijkheid zijn het er veel meer, want bijzondere toelagen en vergoedingen zijn niet eens meegerekend. Dat zou “te ingewikkeld” zijn, terwijl je toch gewoon de bankafschriften kunt nalopen. De koploper vangt 6 ton. Het lijkt de bankwereld wel.
Wat de banken doen met geld - rondpompen -, doen wij met kennis. Onze business bestaat uit het “verstrekken” van kennis aan onze studenten, aan collegaonderzoekers en aan allerlei externe partijen. We ontwikkelen ook kennis, maar onze voorraden houden we vooral up-to-date met de kennis die we op creatieve wijze van elders betrekken: de “eigen” collegedictaten lijken vaak verdacht veel op de alom verkrijgbare handboeken, readers hoeven we al helemaal niet zelf te maken en wetenschappelijke artikelen bestaan vaak grotendeels uit referenties naar werk van anderen. Dit creatief hergebruik van kennis of laten we zeggen het “lenen van kennis” heeft veel weg van het mechanisme waaraan de banken te gronde zijn gegaan. En als er al eens substantieel nieuwe kennis wordt ontwikkeld, dreigt deze ten prooi te vallen aan de “Dutch paradox” zoals de OESO dat noemt: ons onvermogen om nieuwe kennis in maatschappelijke waarde om te zetten (valorisatie). Net als de banken overwaarderen we ons eigen vermogen.
Dan is er nog de vermeende waarde van de diploma’s die wij afgeven. Is een master van nu evenveel waard als een doctorandus van toen? Is een doctor van nu even veel waard als een doctor van toen? Het valt te betwijfelen. Want de Lissabon-norm (de even willekeurige als stompzinnige streefnorm van 50% hoger opgeleiden) leidt onvermijdelijk tot diploma-inflatie. Dit hoge percentage kan namelijk alleen maar worden gehaald door de exameneisen te versoepelen. Maar zelfs indien de eisen gelijk zouden blijven kan je papiertje aan het einde van de rit zo de prullenmand in, want als je hele straat een mastertitel heeft, dan daalt jouw titel in waarde en dalen je kansen. Ook het fenomeen van Elders Verworven Competenties (EVC) draagt daar aan bij. Ben je net vijf jaar magazijnbediende in een loods met feestartikelen, krijg je meteen een MBA-diploma. Voor geld is trouwens alles te koop: in mijn spamfilter tref ik regelmatig verleidelijke aanbiedingen om voor een luttel bedrag de mastertitel te verwerven. Ik zei het al: kennis en geld hebben veel met elkaar gemeen.
Nog meer symptomen wijzen op de overeenkomsten met de financiële sector. Staatsingrijpen bijvoorbeeld, zoals de nationalisatie van zwakke banken: de vier grote steden lieten begin oktober weten dat de staatsecretaris sneller moet kunnen ingrijpen bij slecht functionerende scholen. Of neem nou de renteverlaging door de centrale banken, bedoeld om geld goedkoper te maken zodat de economie weer aantrekt. In het onderwijs hebben we Open Educational Resources, het gratis beschikbaar stellen van educatieve content, ooit geïnitieerd door de Unesco. Doel? Het bevorderen van kenniscirculatie. In Nederland gepraktiseerd door de TU Delft en de Open Universiteit Nederland. Ook de gratis schoolboeken vallen in die categorie.
Het is haast ondenkbaar dat de gevestigde onderwijsinstellingen zullen omvallen. Maar juist het ondenkbare blijkt mogelijk. Waakzaamheid blijft geboden.
Personalia
Wim Westera is natuurkundige en onderwijstechnoloog. Hij werkt aan het Onderwijstechnologisch expertisecentrum van de Open Universiteit, waar hij leiding geeft aan een groep van zestig à zeventig onderwijsontwerpers, mediaontwikkelaars en ict-ontwikkelaars