Invented Here! Nieuwe gebruikers brengen Good Practices verder
Donderdagochtend 19 mei 2005 vond 'Invented here! Good Practices vinden gebruikers' plaats. Vijfentwintig deelnemers troffen elkaar in de Jaarbeurs in Utrecht. Voor het eerst nodigden we alle betrokkenen rond Good Practices uit: circa 60 eigenaars uit 20 hogescholen en universiteiten, redactie en recensenten, vertegenwoordigers van SURF en INHOLLAND én de 190 abonnees op onze maandelijkse GP-Nieuwsbrief. Een groot en belangrijk potentieel voor het verder brengen van goede praktijken. Ruim anderhalf jaar na de Netwerktafel 'Leerzaam gebruik van goede voorbeelden' zetten we opnieuw een aantal stappen. De bijeenkomst is opgenomen op video, met Videopoort gedigitaliseerd; met de virtuele snijmachine zijn fragmenten gedefinieerd, die we hieronder hebben ingevoegd.
Tom Dousma, Platformmanager Platform ICT en Onderwijs van SURF refereerde in zijn inleiding aan heden, verleden en toekomst van Good Practices. In het kader van het nieuwe meerjarenplan van SURF wordt nagedacht over de toekomst van Good Practices. Krachtige voorbeelden van ICT-innovaties zullen altijd nodig zijn, maar hoe zorgen we ervoor dat ze landen bij de gebruiker? Hoe kun je Good Practices als zinvol instrument inzetten? Deze bijeenkomst geeft een eerste aanzet bij het verkennen van de ideeën. Dit kan SURF helpen samen met de instellingen invulling te geven aan het meerjarenplan.
Daan Andriessen, lector Intellectual Capital INHOLLAND, ging in zijn inleiding in op de oorsprong van Good Practices. Eigenlijk kun je pas van een 'Good Practice' spreken als een bepaalde (onderwijs)praktijk zich in meerdere contexten bewezen heeft. Vervolgens stond Daan Andriessen stil bij de vraag: wat is een goede Good Practice? Op basis van zijn ideeën over ontwerpgericht onderzoeken heeft hij criteria geformuleerd voor een Good Practice en voor de manier waarop deze door onderzoek tot stand kan komen. De vragen en het onderzoeksmodel vind je in de Powerpointpresentatie.
In een interactief gesprek tussen Daan Andriessen en drie betrokkenen bij de eerste Practice to Practice-pilot hebben we deze ideeën vervolgens toegepast. In deze P2P-pilot is een bestaande goede praktijk, Competentieleren In Blackboard van de Hanzehogeschool in Groningen, met ondersteuning van de Good Practicesredactie vertaald naar Hogeschool INHOLLAND. Hoewel er veel overeenkomsten waren tussen beide betrokken opleidingen (beide duaal, beide economisch) bleken de verschillen toch groter en belangrijker dan in eerste instantie was ingeschat. Pas bij een tweede gebruikssituatie wordt pas echt duidelijk welke aspecten van de context belangrijk zijn om te beschrijven. Tegelijkertijd ontdek je in een tweede gebruikssituatie nieuwe contextonderdelen. In de discussie met de deelnemers wordt duidelijk dat het beschrijven en analyseren van een Good Practice erg bewerkelijk is en onderzoeksvaardigheden vraagt. Een aantal mogelijkheden wordt geschetst. Zou een 'kennismakelaar' een oplossing bieden? Aan het eind van deze interactieve sessie trekt Daan Andriessen een aantal conclusies.
Na een korte pauze togen we actief aan de slag met vijf vragen rond Good Practices; we wisselden ervaringen uit in groepen met gemeenschappelijke interesses en kwamen tot een aantal aanbevelingen. Bij de afsluitende lunch zijn contacten met collega praktijkdeskundigen gelegd en aangehaald.
Na deze geslaagde bijeenkomst hebben de betrokkenen bij Good Practices en SURF veel denkwerk meegekregen. De redactie van de Good Practice-site zal de ideeën meenemen bij het bepalen van de koers voor het nieuwe jaar. Eén van de suggesties die de redactie zal opppakken is het bieden van de mogelijkheid om Good Practices te zoeken via 'problemen waar docenten tegenaan lopen'. Daarnaast verkennen we de mogelijkheid om Good Practices meer onderzoeksmatig te benaderen.