Praktijkvoorbeeld
Web-spijkeren 1-2
Bijspijkermodules wiskunde voor Nederlandse of buitenlandse instroom-studenten van vakopleidingen waarin wiskunde belangrijk is, bijvoorbeeld economie. Sommige modules maken gebruik van afstandsonderwijs, andere ook van contactonderwijs.
Wat was de aanleiding voor deze praktijk?
Aanleiding
Veel studenten hebben deficiënties voordat ze aan een bachelor of master-opleiding beginnen (Brouwer, Ekimova, Jasinska, Van Gastel, & Virgailaite-Meckauskaite, 2009; Rienties, Dijkstra, Rehm, Tempelaar, & Blok, 2005; Rienties, Luchoomun, Giesbers, & Virgailaite-Meckauskaite, 2008; Rienties & Tempelaar, 2009). Met name voor buitenlandse studenten kan dit tot grote problemen leiden, aangezien zij naast kennisachterstanden vaak ook acculturatieproblemen ondervinden (Rienties, Grohnert, Nijhuis, Kommers, & Niemantsverdriet, 2009). Door de studenten voor hun studie al bekent te laten maken het de onderwijsfilosofie, met andere studenten en de inhoud zijn studenten beter voorbereid.
Uitgebreide projectbeschrijving
In Web-spijkeren 1 en 2 is gekeken naar welke didactische werkvormen nu effectief zijn voor het wegwerken van deficiënties (wiskunde, economie, etc.) en achterstanden. In totaal meer dan 20 verschillende didactische varianten zijn in de afgelopen 5 jaar toegepast met wisselend succes. In dit stuk is 1 succesvolle cursus uitgewerkt. Alle andere cursussen + uitwerkingen zijn op bovenstaande en onderstaande links te vinden.
Voorbeeld cursus Online Summercourse Economics
De Online Summercourse economics wordt gegeven aan buitenlandse studenten die deficiënt zijn op het vakgebied economie (Rienties & Tempelaar, 2009; Tempelaar, Rienties, & Gijselaers, 2006, 2007). Zij volgden deze online cursus in één van de zomers van 2005-2009 bij Universiteit Maastricht, School of Business and Economics als onderdeel van het “online summercourses programma” (omvang 3.0 ECTS). Het aantal deelnemers is van 2005 van 50 opgelopen tot 140 in 2009. Het totaal aantal zomer- en winterdeelnemers aan de verschillende cursussen in de afgelopen vijf jaar is rond 1200. Er zijn geen fysieke bijeenkomsten gepland omdat alles volledig online was (Rienties, Tempelaar, Waterval, Rehm, & Gijselaers, 2006). Als materiaal werd per “virtuele onderwijsgroepsbijeenkomst” een aantal hoofdstukken van het on-line boek van Parkin & Bade (2009), Foundations of Economics, gebruikt in combinatie met relevante materialen. Naast het online boek waren er video’s beschikbaar en werden ook essentiële (wiskundige) concepten visueel uitgewerkt.
Samenwerkend leren
De cursus bestond uit 6 probleem-gestuurde taken. Er is voor gekozen om de groepsgrootte per cursus te beperken tot maximaal 18 studenten. Aangezien er geen hoorcolleges of fysieke onderwijsgroepen gepland waren (alle deelnemende studenten komen uit het buitenland of lopen stage in het buitenland), verliep alle communicatie in de eerste drie jaar van de zomercursus via a-synchroon discussie-forums. De forums werden opgedeeld in 7 forums, namelijk 6 taken en 1 “Cafe/Social talk forum” waar studenten elkaar konden leren kennen en er een sociaal gevoel werd gecreëerd (zie Figuur 1).
In de voorbespreking werden studenten door middel van probleem-gestuurde taken en het formuleren van leerdoelen en moeilijke woorden gestimuleerd om hun aanwezige kennis te delen en elkaar te motiveren voor hun individuele zoektocht naar oplossingen. In de nabespreking werden de leerdoelen die geformuleerd waren tijdens de voorbespreking beantwoord aan de hand van de (verschillende) inzichten van gelezen literatuur. Uit verschillend onderzoek is naar voren gekomen dat de studenten zeer tevreden waren over de gekozen aanpak (Brants & Struyven, 2009; Giesbers, Rienties, Gijselaers, Segers, & Tempelaar, 2009; Rienties, Tempelaar, Van den Bossche, Gijselaers, & Segers, 2009; Rienties et al., 2006; Tempelaar, 2007a, 2007b). Vervolgens is ook gebleken dat studenten die deelgenomen hadden aan deze cursus ondanks hun deficiëntie uiteindelijk beter presteerden in het wiskunde/economie vak en ook betere cijfers haalden na het eerste jaar (Rienties, Tempelaar, Dijkstra, Rehm, & Gijselaers, 2008).
In de daarop volgende jaren is er door middel van verschillende interventies geprobeerd om de studieresultaten en studenttevredenheid te verbeteren. Als voorbeeld, in Figuur2 werkten studenten in 2008-2009 samen via web-videoconferenties (Giesbers et al., 2009). Ondanks de meer geavanceerde techniek waren studenten echter minder tevreden over de leeromgeving.
Het project is bij de verschillende instellingen ingebed en loopt gewoon door. Het project is uitgevoerd door UM, UVA, ERASMUS, bij de opleidingen Economie/Economics/International Economics/International Business/Science. Kijk voor de namen van de vakken en de studie-onderdelen op http://www.science.uva.nl/research/amstel/dws/webspijkeren/index.php?page_id=564 en http://www.science.uva.nl/research/amstel/dws/webspijkeren2/index.php?PageName=implementatie
Literatuuropgave
Kilk
hier voor een overzicht van alle gebruikte bronnen. Alle artikelen (m.u.v. Mishra & Koehler, 2006) zijn te downloaden op
Met welk doel is welk digitale tool ingezet?
- Kennisdeficienties wegwerken
- Elkaar leren kennen
- Vertrouwd maken met Probleem-gestuurd onderwijs.
Wat heeft de praktijk opgeleverd voor docent(en) en studenten?
- Verbeterd studieresultaat
- Lagere uitval onder studenten die deelnemen aan cursus
- Positieve PR voor instelling (“we care for you from day 1”)
- Docenten meer tevreden over kennis en vaardigheden
Zijn er eveluatiegegevens beschikbaar, zo ja op:
http://www.science.uva.nl/onderwijs/database/step/public/
Als je deze praktijk opnieuw gaat gebruiken, ga je dan iets veranderen/bijstellen? Wat?
De ervaring bij het opschalen van de positieve resultaten van Web-spijkeren naar andere faculteiten en instellingen laat zien dat het idee niet 1-op-1 zonder aanpassingen is op te zetten. Bijvoorbeeld, bij het vervolgproject NAP acculturatie zijn een aantal pilots zeer succesvol gebleken, terwijl bij andere pilots met een vergelijkbare opzet er toch problemen ontstaan. Blijkbaar is het moeilijk om een goede balans te vinden tussen de expertises van de docent (inhoudelijke, pedagogische en technische kennis en vaardigheid) zoals beschreven in Mishra & Koehler (2006), de organisatie (ondersteuning, support, technische infrastructuur), en de student.
Wat zijn nog openstaande vragen waar je nog geen antwoord op hebt?
Hoewel er nu vijf jaar ervaring binnen UM en UVA is op het gebied van Web-spijkeren blijft het toch lastig om een goede online cursus op te zetten die aansluit bij de behoeften van de student. Met name door verschillen in individuele persoonlijkheidskenmerken (Rienties, Tempelaar et al., 2009; Tempelaar, Rienties, & Giesbers, 2009) als mede verschillen in interacties tussen studenten in virtuele teams is het moeilijk voor docenten om effectief online te begeleiden. In het EU project S.T.E.P. (www.transitionalstep.eu/) zijn we specifiek gaan kijken wat de effectieve didactische werkvormen voor bijspijkeronderwijs zijn. Daarnaast blijkt het moeilijk om good-practices bij instelling X effectief in te zetten bij instelling Y.
Heb je adviezen aan een docent die iets dergelijks wil gaan doen?