Gastcolumn

Afbeelding Rory Sie
Laatst bewerkt door Gerlinde van der Vegte op 28-07-2015 11:58

Herkennen en belonen van informeel leren

Probeer maar eens niet te leren! Leren doe je iedere dag, dat geldt natuurlijk ook voor leraren. Tijdens je werk met je collega’s ontwikkel jezelf en ben je blijvend aan het professionaliseren. Deze vorm van leren noemen we informeel. Informeel leren gaat spontaan en gebeurt in dialoog met je collega’s en peers waarmee je graag over uitdagingen in je werk praat.

Een ‘moeilijkheid’ van dit informele leren is dat het veelal onzichtbaar is voor degenen die er niet bij betrokken zijn. Problemen komen en gaan, en worden binnen kleine groepjes opgelost. De waarde dat dit oplevert wordt over het algemeen slecht gedeeld buiten het netwerk waarin de kennis wordt ontwikkeld.

Onderzoek naar professionaliseren laat steeds overtuigender zien dat deze vorm van leren cruciaal is voor het op peil houden van je professioneel handelen en effectiever is dan formeel opleiden via dure cursussen, trainingen en de welbekende hei-sessies. Tegelijkertijd blijft de heersende managementcultuur, die graag top-down vanuit een soort beheersmatige, controlerende manier het proces wil aansturen, het formele leren planmatig invullen (afgestemd op de leemte die zij zien), waardoor de bekende kloof tussen wat professionals nodig hebben en waar ze uit kunnen kiezen groter wordt. Professionaliseren krijgt dan een vorm van aanwezigheidsplicht en presentielijstjes invullen, waarbij de enige meerwaarde die een formele cursus oplevert… en ja, u raadt het al… het netwerkmoment is tijdens de koffiepauze.

Hoewel enigszins gechargeerd, is dit een bekend probleem. Wij denken dat dit probleem overwonnen kan worden door het informele leren en de waarde ervan zichtbaar te maken, zodat het ook op de radar van het management komt. Hiermee bedoelen we niet dat het informele leren formeel moet worden gemaakt, maar dat er formeel erkenning komt voor informeel leren. Op naar informeel-formeel leren dus. Maar voordat dit zo is, moet er nog een en ander gebeuren. 

Herkennen

ICT kan helpen bij het zichtbaar maken van onzichtbare processen. Hiermee bedoelen we dat ICT interactiepatronen kan laten zien doordat mensen allerlei sporen achterlaten wanneer ze digitaal aan het communiceren zijn. Learning analytics is een opkomend terrein dat zich hier expliciet mee bezig houdt. Learning analytics laat meer zien dan alleen de oppervlakkige peer-to-peer visualisaties van Facebook. Bij die visualisaties weet je nog steeds niet wat de mensen bindt en wat de toegevoegde waarde kan zijn. Dit is de reden waarom wij bij LOOK de tool Netwerk in Beeld (NiB, http://look.ou.nl/nib) hebben ontwikkeld (De Laat & Schreurs, 2011). Met behulp van NiB kunnen wij niet alleen zien wie er met elkaar praat, maar ook waarover er wordt gepraat (zie figuur 1). Iemand kan namelijk heel veel contacten hebben en centraal staan in de organisatie, maar als we kijken naar specifieke vakkennis, dan kan het zo zijn dat iemand anders met veel minder contacten de eigenlijke expert is. Netwerken is dus goed, maar kijk verder dan alleen het hebben van veel contacten.

Figuur 1. Voorbeeld van een leernetwerk rondom het specifieke onderwerp ‘Differentiatie buiten de les’.

Oké, ik weet nu hoe ik informeel leren moet herkennen, maar hoe maak ik mijn manager wijs dat dit belangrijk is? En hoe laat ik het zien?

Belonen

Tegenwoordig hebben we beroepsregisters, zoals het NIP voor psychologen en het BIG voor zorgverleners. Voor leraren hebben we Registerleraar.nl. In dit register kunnen leraren hun professionaliseringsactiviteiten, zoals een cursus over dyslexie, laten valideren door een registercommissie. Echter, op dit moment kan een leraar informeel leren niet als zodanig opgeven als professionalisering. Maar kennisverwerving en -deling en de vaardigheden die daarbij horen, lijken cruciaal voor de ontwikkeling van de leraar. Leraren zijn niet meer louter individuen die hun eigen toko hebben binnen de school: er wordt van ze verwacht dat ze leerstof en leerlijnen samen met collega’s binnen en buiten de school maken. Tegelijkertijd wordt er door de overheid de nadruk gelegd op formele scholing (die gericht is op het individu). Tijd om informeel leren en samenwerking te belonen dus.

Wel zou een leraar bijvoorbeeld formele scholing over informele vaardigheden kunnen volgen, zoals een workshop over kennis- en leernetwerken. Dan zou de leraar bijvoorbeeld de tips en trucs voor leren en kennisdeling die de basis vormen van tools als SocialLearn (http://sociallearn.open.ac.uk) en NiB kunnen leren, zoals ‘Hoe zorg je dat de juiste mensen met elkaar in contact komen?’ en ‘Wat moet je leren, en op welk moment?’.

Wikiwijs (http://www.wikiwijs.nl), het landelijke platform voor het zoeken, maken en delen van (gratis) open leermiddelen, heeft sinds kort een oplossing voor het belonen van activiteiten rondom informeel leren: badges. Badges kun je zien als online erkenningen, bijvoorbeeld voor leeractiviteit die buiten de school plaatsvinden. In Wikiwijs wordt bijvoorbeeld een bronzen badge toegekend wanneer een leraar ten minste drie online lessen (‘arrangementen’) heeft gemaakt. Het ultieme doel van deze badges is formele erkenning: ”Op de lange termijn is de intentie om naast deze Wikiwijs-badges, ook badges aan te bieden die een maatschappelijke waarde vertegenwoordigen (bijvoorbeeld professionaliseringspunten).” Is dit dan de oplossing waar we allemaal op hebben zitten wachten?

Zelf doen

Nu weet je hoe je informeel leren moet herkennen en belonen, maar hoe doe je dit zelf? Naast het gebruik van Netwerk in Beeld bestaat er ook andere betaalde (UCINET) en gratis (Cytoscape, Gephi) softwarepakketten om netwerkanalyses mee uit te voeren. Er zijn verschillende handleidingen beschikbaar, waaronder die van Tom Gouman van The Bridge voor NodeXL, een netwerkanalyse-plugin voor Microsoft Excel (Gouman, 2010), en onze eigen handleiding voor Cytoscape (Sie, 2013). Dit is een perfecte start voor mensen (zonder programmeerervaring) om te beginnen met sociale netwerkanalyse. Voor de wat meer technisch onderlegde mensen onder ons: R statistics heeft een pakket ‘sna’ (http://cran.r-project.org/web/packages/sna) waarmee je netwerkanalyses kunt uitvoeren.

Kom je er niet uit, of wil je meer weten? Werk samen en spreek je netwerk eens aan, net zoals wij hebben gedaan.

Rory Sie en Maarten de Laat

LOOK, Open Universiteit

Referenties

De Laat, M., & Schreurs, B. (2011). Network Awareness Tool: Social Learning Browser for visualizing, analysing and managing social networks. Heerlen: LOOK - Open Universiteit.

Gouman, T. (2010). Twitternetwerken: nieuwe mogelijkheden met sociale netwerkanalyse - Frankwatching. Frankwatching. Retrieved June 4, 2013, from http://www.frankwatching.com/archive/2010/06/01/twitternetwerken-nieuwe-mogelijkheden-met-sociale-netwerkanalyse/

Sie, R. (2013). Handleiding Cytoscape. Retrieved from https://dl.dropboxusercontent.com/u/4503012/handleiding cytoscape.docx


REACTIES

  • Afbeelding Heino Logtenberg
     
     
     
     
     
    4255

    Mooi Artikel! Jullie gaan het informeel leren in beeld brengen om er "punten" aan toe te kunnen kennen, wordt het dan formeel leren? of blijft het informeel en wat doe je eigenlijk met formeel leren als je het meeste leert met informeel leren? De worsteling om iets te gaan doen met wat al jaren bestaat, komt het erbij, wat gaat er af? Moeten we het niet gewoon laen gebeuren, het aanmoedigen, maar er niet op willen sturen?

    Ik ben er nog niet uit, maar je zet me opnieuw aan tot overpeinzingen...
    • Afbeelding Rory Sie
       
       
       
       
       
      75

      Ik zag toevallig gisteren een item op de televisie over Duitse jongeren die er steeds vaker voor kiezen om gewoon te gaan werken, en op de werkplek geschoold worden. Bedrijven kunnen op die manier hun werknemers veel beter specialiseren. Ze leren dus op de werkplek, op een manier die ligt tussen het informele en het formele. Ik denk wel dat het belangrijk is om dat soort leren te erkennen. Het zou namelijk zomaar kunnen dat deze Duitse jongeren op de werkplek veel meer leren dan iemand die er een aantal jaar voor gestudeerd heeft. En dan zou het zonde zijn als niemand weet dat deze Duitse jongeren zoveel (praktijk)kennis hebben. Om antwoord te geven op je vraag: Ik denk dat het vooral het belonen is van iets (informeel leren) wat er altijd al was.

      Overigens is Mozilla (van Firefox) een tijdje geleden al het Mozilla Open Badges initiatief (https://wiki.mozilla.org/Badges) gestart om het erkennen van verschillende soorten van leren te ondersteunen. Heel goed, dan heb je op een gegeven moment een 'rugzakje' met badges van wat je allemaal kunt, nou en? Ik denk dat de volgende stap is dat we deze badges gaan gebruiken om gepersonaliseerd leren aan te bieden. Leermateriaal wat écht aansluit op de wensen en kennis van de lerende. 

      Daarnaast kunnen badges natuurlijk een fantastische manier zijn voor meer mobiliteit. Ik denk dan aan mensen die worden gevraagd voor (tijdelijk) werk dat speciale kennis vereist. Mensen kunnen worden uitgeleend tussen bedrijven, waardoor je veel efficiënter met resources om kan gaan. Zoiets gebeurt al in de vorm van open, genetwerkte innovatie. Ook voor talent analytics belangrijk: Wat voor kennis is er vereist voor deze functie (lees: badges van de huidige medewerker)? Wat als ik een nieuw iemand aanneem, wat moet die zich voor nieuwe kennis eigen maken? Wanneer is mijn medewerker uitgeleerd en gaat hij/zij op zoek naar een nieuwe baan? Kan ik dat voorkomen door dit van tevoren te proberen te voorspellen en doorgroeimogelijkheden te bieden?

      Genoeg stof om over na te denken dus...

PLAATS REACTIE